‘Sexy foto’s versturen van jezelf mag, doorsturen mag niet’

‘Sexy foto’s versturen van jezelf mag, doorsturen mag niet’

AANGEPAST 
AFP

“Zo, nu krijg je het lekker terug”, dacht Loes toen ze ruzie had met een vriendin in de klas. Met een druk op de knop stuurde ze een naaktselfie van de vriendin naar een klasgenoot. Loes hoopte haar vriendin te kwetsen en dat lukte. Binnen de kortste keren was de foto verspreid onder alle tachtig klasgenoten op schoolreis naar Barcelona.

“Ik voelde me eerst een beetje stoer, want iedereen lachte haar uit”, zegt Loes erover tegen het NOS Jeugdjournaal. Al snel kreeg ze spijt. “Ik voelde me heel schuldig. We waren een week weg en iedereen had het erover. Je merkte aan haar dat ze zich rot voelde en toen dacht ik: dat was het niet waard.”

De vriendin stuurde de sexy foto ooit aan een jongen, dat wordt sexting genoemd. Via via kwam de foto bij Loes (inmiddels 17, toen 15 jaar) terecht die hem vervolgens doorstuurde. Juist voor dat doorsturen moet meer aandacht komen tijdens campagnes over sexting vinden verschillende onderzoekers – en dat moet al beginnen op de basisschool.

“Veel jongeren beseffen niet genoeg wat de gevolgen zijn van het doorsturen van sexy foto’s”, zegt Elsbeth Reitzema van kenniscentrum voor seksualiteit Rutgers. “Degenen die erop staan kunnen zich schuldig voelen, zich ervoor schamen, uitgelachen worden. Ze willen misschien niet meer naar school of zelfs niet meer leven.”

Wraak en populariteit vergroten

Uit een onderzoek van vorige maand in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid blijkt dat er veel verschillende redenen zijn waarom jongeren naaktfoto’s doorsturen. Het is niet alleen wraak nemen, zoals Loes deed, maar ook het ontladen van spanning, het versterken van vriendschappen en het proberen de eigen populariteit te vergroten.

De politie adviseerde jongeren vorig jaar om juist helemaal te stoppen met sexting, maar zover wil Rutgers niet gaan. “Op zich is het niet dom om een sexy foto te maken van jezelf en dat naar je vriendje of vriendinnetje te sturen”, zegt Reitzema. “Dat mag je best leuk vinden. Waar het vooral om gaat is het doorsturen.”

“Je moet weten wat de gevolgen kunnen zijn en je moet weten dat je het niet mag doorsturen zonder iemands toestemming. Als je een naaktfoto van iemand onder de 18 jaar doorstuurt is het zelfs strafbaar.”

‘Vroeg beginnen met voorlichten’

Alhoewel sexting vooral speelt op middelbare scholen ziet Rutgers het liefst dat kinderen al op de basisschool worden voorgelicht over de gevolgen van het doorsturen van sexy foto’s. “Bijna iedereen in groep zeven en acht heeft een mobiele telefoon en zit op sociale media. Daarom denken we dat het goed is dat we vroeg beginnen met voorlichten, voordat ze daadwerkelijk met de foto’s te maken krijgen”, zegt Reitzema.

Ze heeft ook advies voor jongeren die sexy foto’s doorgestuurd krijgen. “Je kunt de foto wissen, het melden bij degene die erop staat en degene die het doorstuurt erop aanspreken. Het belangrijkste is dat het doorsturen stopt.”

 

nos.nl/l/2273462

Hattie’s nummer 1: Collective Teacher Efficacy

DUURZAAM ONDERWIJS

In John Hattie’s update van Visible Learning staat Collective Teacher Efficacy (CTE) ondertussen op nummer 1: het heeft bijzonder sterke effecten op de ontwikkeling en prestaties van leerlingen. Hattie baseert zich hierbij vooral op de meta-analyse van Rachel Eels. Daarin wordt CTE gedefinieerd als het gezamenlijke geloof van een schoolteam om positieve resultaten te behalen met de leerlingen.

“… the effect sizes from this study can confidently be considered strong. The beliefs that teachers hold about the ability of the school as a whole to promote positive outcomes were predictive of positive learning outcomes for their students.”(Eels, 2011, p. 130)

Teams die gezamenlijk geloven dat ze de leerprocessen van alle leerlingen kunnen vooruitstuwen door goed onderwijs te geven, investeren veel positieve energie in hun onderwijs, leggen de lat hoog voor de leerlingen, houden vol als het moeilijk gaat en inspireren elkaar om die hoge verwachtingen te halen. Het is een…

View original post 420 woorden meer

Schermtijd: overdaad schaadt algemene ontwikkeling

Kleutergewijs

Een nieuwe grootschalige Canadese studie (Madigan et al., 2019) toont mogelijke negatieve gevolgen van schermtijd voor de algemene ontwikkeling. Dat stemt tot nadenken. Wanneer kleuters voor een scherm zitten, missen ze kansen om interpersoonlijke, grootmotorische en communicatieve vaardigheden te oefenen. De tijd voor een scherm gaat ten koste van tijd voor bewegen, exploreren en handelen met materialen. Moet je dan alle schermen weren uit je klas? Zover zou ik niet gaan, maar het lijkt me aangewezen om zeer selectief te zijn in het gebruik ervan in de klas.

Het Canadese schermtijdonderzoek

De studie volgde meer dan 2000 moeders en hun kinderen op de leeftijd van 2 jaar, 3 jaar en 5 jaar. De moeders hielden een schermtijd-dagboek bij en scoorden hun kind op vijf ontwikkelingsdomeinen: communicatieve vaardigheden, grove motoriek, fijne motoriek, probleemoplossend vermogen, persoonlijk-sociale vaardigheden.

Conclusie: meer tijd voor het scherm op de leeftijd van 2 jaar en 3…

View original post 773 woorden meer

De sprong naar het eerste leerjaar. Hoe bepalen wie mag en wie niet?

Kleutergewijs

Eind februari, de tweede helft van het schooljaar draait ondertussen op volle toeren. De periode waar er in de derde, tevens laatste, kleuterklas gedacht en gesproken wordt over ‘zal hij/zij er klaar voor zijn, voor de stap naar de grote school, de stap naar het eerste leerjaar?’. Schoolrijpheidstoetsen worden boven gehaald; gesprek wordt op gang gebracht, zowel intern met collega-kleuterleid(st)ers en zorgteam, maar binnen enkele maanden ook (en vooral) met de ouders van de derdeklassers.

Hoe weet je of een kind klaar is voor de sprong?

Vandecandelaere en Struyve (2016) verwijzen in hun artikel omtrent ‘advies na de derde kleuterklas’ naar volgende aspecten in relatie tot schoolrijpheid: cognitieve aspecten (zoals voorbereidende taal- en rekenvaardigheden), psychosociale aspecten (zoals werkhouding, samenwerken, taakgerichtheid en zelfstandigheid) en omgevingsfactoren (zoals sociaal-economische gezinsstatus, thuistaal, geboortekwartaal van het kind, en ouderbetrokkenheid op school). De onderzoekers benadrukken dat het bepalen van schoolrijpheid een samenspel is tussen al deze factoren, en dat het niet herleid…

View original post 758 woorden meer

Wat heeft het onderwijs NU nodig?

Blogcollectief Onderzoek Onderwijs

Randvoorwaarden voor de verdieping van Onderwijs2032

Er wordt veel gepraat en geschreven over het onderwijs. Zaken als het lerarentekort en de problemen in het rekenonderwijs drukken ons met de neus op de feiten. Wat heeft het onderwijs nodig om de problemen de baas te worden en met vertrouwen toekomstgericht te zijn? ‘Ons Onderwijs2032’, ook wel het Rapport Schnabel genoemd, is een poging om het onderwijs aan te passen aan de eisen die de maatschappij in deze tijd stelt. Wij stellen vast dat een aantal belangrijke elementen nog aan het voorstel ontbreken.

Als individuele docenten met verschillende visies heeft ieder van ons zich actief met dat debat bemoeid. Voor buitenstaanders, en soms ook voor onszelf, leek het alsof onze individuele ideeën en oplossingen heel ver uit elkaar lagen. Er wordt dan snel geconcludeerd: ‘zoveel docenten, zoveel verschillende meningen, we moeten toch verder.’ Wij zijn bij elkaar gaan zitten en…

View original post 1.165 woorden meer

De Nederlandse versies van de studieposters van The Learning Scientists — Leren.Hoe?Zo!

Originally posted on X, Y of Einstein?: Enkele weken geleden bracht ik de 6 Engelstalige posters die Yana Weinstein (University of Massachusetts Lowell) & Megan Smith (Rhode Island College) samen met Oliver Caviglioli uitwerkten. Omdat deze posters zo fijn waren om te gebruiken in het onderwijs, bood ik aan om deze te vertalen naar het…

via De Nederlandse versies van de studieposters van The Learning Scientists — Leren.Hoe?Zo!

Leraar leert in eigen tijd

Leraren vinden professionaliseren belangrijk, maar doen het vooral in hun vrije tijd, zo blijkt uit De Staat van de Leraar 2016.

Ook de staat van de leraar is opgemaakt op het Onderwijscongres van 13 april. Daar presenteerde de Onderwijscoöperatie De Staat van de Leraar 2016, waarin professionalisering centraal staat. 754 Leraren uit het po, vo, mbo en so gaven hier hun mening over in een enquête.
De Onderwijscoöperatie verwelkomt ons in het verslag met een kort literatuuronderzoek over waarom professionalisering van leraren zo belangrijk is. Professionalisering biedt leraren de mogelijkheid om alle onderdelen van het beroep onder de knie te krijgen. Daarnaast kan het helpen om nieuwe uitdagingen vanuit het beleid of de maatschappij, zoals Onderwijs 2032 of het onderwijs aan vluchtelingen, aan te gaan. Ten slotte kan professionalisering bijdragen aan beroepsvorming door het vormen van meer status en zeggenschap voor leraren. Kortom: leraren moeten blijven leren. Ook de leraren zelf vinden professionalisering belangrijk, namelijk 93% van de bevraagde leraren.

Sourced through Scoop.it from: didactiefonline.nl

See on Scoop.itMaster Onderwijskunde Leren & Innoveren

Voor leerkrachten: gratis digitale werkvormen bij je methode – Mediawijzer.net

Je wilt als leerkracht mediatools gebruiken in je lessen, maar waar moet je beginnen? Het aanbod is enorm. En als je eenmaal hebt gekozen, hoe werkt het dan? Hoe integreer je het in je bestaande lesmethode? Stijn Hendriks, docent op een Jenaplanschool, ontdekte afgelopen jaar de website ontdekmedia.nl en is sindsdien enthousiast gebruiker. “Ontdekmedia is voor leerkrachten de perfecte website om met digitale media aan de slag te gaan.”

Sourced through Scoop.it from: www.mediawijzer.net

See on Scoop.itVerzamelde lessen Mediawijsheid

Wat Leren Leraren in de Lerarenopleiding (en wat Niet)?

Door Paul Kirschner:

Deze blog schreef ik oorspronkelijk voor het meinummer van het blad Didactief waar ik iedere maand iets schrijf over m.i. spraakmakend wetenschappelijk onderzoek en wat de betekenis daarvan is in/voor het onderwijs. Dit keer gaat het over wat leraren leren in hun opleiding (en wat niet), vooral met betrekking tot bewezen, evidence-based aanpakken.

Sourced through Scoop.it from: onderzoekonderwijs.net

Het gaat hierbij om de navolgende 6 leerstrategieën: 

(1) goed combineren van beelden met woorden 
(2) het verbinden van abstracte concepten met concrete voorbeelden. 
(3) stellen van doordenkvragen (probing / epistemic questions) over het hoe, waarom, wat als, hoe weet je dat 
(4) herhaaldelijk afwisselen tussen problemen met gegeven oplossingen en problemen die de lerenden zelf moeten oplossen. 
(5) afwisseling tussen studeren en oefenen (gedistribueerd oefenen) over een langere periode in plaats van langdurig aaneen te blokken 
(6) formatief en summatief toetsen (assessment) van wat er geleerd is c.q. had moeten worden.

See on Scoop.itMaster Onderwijskunde Leren & Innoveren